Bodemmoeheid en mycorrhiza

Hoewel het verschijnsel bodemmoeheid niet helemaal wordt begrepen, gaat men ervan uit dat het veroorzaakt wordt door een complex van factoren die te maken hebben met de uitputting van de grond en een eenzijdige ontwikkeling van het bodemleven. Bepaalde ziekteverwekkers, zoals bijvoorbeeld het rozenaaltje, maar ook schadelijke schimmels en bacteriën zijn dan in verhoogde concentratie aanwezig, terwijl mycorrhiza-schimmels ondervertegenwoordigd zijn. Planten kunnen in zulke grond niet goed gedijen.

Door jarenlange overbemesting, schimmelbestrijdende middelen, te weinig organische stof/humus (opruimen van blad, weinig bodembedekking) en intensieve grondbewerking (te diep schoffelen, spitten) gaat de hoeveelheid en de diversiteit van het bodemleven achteruit, waaronder ook de mycorrhiza-schimmels. Deze zijn echter heel belangrijk voor de vruchtbaarheid, de structuur en de weerbaarheid van de grond. Met behulp van zuren en enzymen lossen ze mineralen en spoorelementen uit gronddeeltjes en geven die door aan de plant. Ze scheiden klevende stoffen af en ommantelen bodemdeeltjes met hun draden en zorgen zo voor een stabiele, luchtige structuur. Langs het gehele netwerk van mycorrhiza-draden worden stoffen afgescheiden die voedsel bieden voor bepaalde soorten bacteriën. Deze speciale bacterieflora geeft op zijn beurt stoffen af die ziekteverwekkers rondom plantenwortels kunnen verdringen. De aanwezigheid van mycorrhiza’s binnen in de wortels betekent concurrentie om voedsel en ruimte met andere (minder nuttige) indringers. Ook wordt het eigen afweerstelsel van de plant gestimuleerd en worden stoffen in de wortels aangemaakt, die het indringen en de ontwikkeling van wortelparasieten afremmen. Zo is door wetenschappelijke proeven aangetoond dat wortelparasiterende aaltjes bij goed gemycorrhizeerde planten in mindere mate optreden of minder schade veroorzaken.

Een Amerikaanse rozenliefhebber heeft in een deel van zijn rozentuin, op grond waar honderd jaar lang tabak geteeld werd, ernstige problemen met ,,crown gall”-tumoren, veroorzaakt door Agrobacterium tumefaciens. Drie jaar geleden voegde hij Mycorrhiza’s toe bij het vervangen van zieke rozen. En deze rozen doen het nog steeds goed, terwijl rozen die hij twee jaar later zonder Mycorrhiza’s plantte weer kwakkelen.

Door het toevoegen van een geconcentreerde hoeveelheid van geschikte mycorrhiza-schimmels is het mogelijk om nieuwe rozen te planten in “vermoeide” grond. De schimmels stimuleren de groei van nieuwe opnamewortels die ze vervolgens koloniseren. Daardoor verhogen ze de opname van schaarse voedingstoffen en water en verlagen de kansen voor indringers. Op die manier verzachten de toegevoegde schimmels de transplantatieshock. De hergroei wordt bespoedigd, waardoor de plant sterker wordt en toleranter tegen stress.

Hoewel het niet nodig is om de grond kompleet te vervangen is het wel belangrijk om de oude wortels eerst grondig te verwijderen en de grond in het plantgat te verbeteren met humus (b.v. goed verteerde compost). Het beste kan je de verbeterde grond een tot twee maanden laten rusten voordat je gaat planten. Dit verlaagt alvast de ziektedruk en creëert een buffer, zodat de mycorrhiza-schimmels de nieuwe wortels goed kunnen koloniseren voordat deze in aanraking komen met de stressfactoren.